Zondag 9 augustus 2026

 

Voor vanochtend had ik m’n wekker een kwartiertje later gezet dan gisteren.  Opgestaan om 7u30, dus – en ontbeten om 8u.  ’t Was buiten weer zonnig en de weersvoorspellingen beloven een warme, droge dag.

Na het ontbijt zocht ik nog één en ander op m’n laptop op.  Stom zenne, om een goed wifi-signaal te hebben moet ik met laptop en al op mijn bed gaan zitten want aan het raam is er bijna geen signaal meer.

Om 10u was ik beneden, elf minuten later was ik ermee weg.  Jazeker, met de bus.  Dit keer moest ik echter niet ver, zeven minuten later stapte ik af aan de halte Steg Hotel.

Steg is een klein dorp – volgens Wikipedia zelfs kleiner dan een dorp (ze noemen het daar een “Weiler”, wat Google Translate vertaalt als “gehucht”).  Het gehucht ligt vlak bij de tunnel waar ik het eerder al over had (“Gnalp-Steg”).  Deze nieuwste tunnel werd gebouwd tussen 1947 en 1949.  Toen is ook het Steg stuwmeer (“Steg Stausee”) ontstaan.  Maar al in 1867 was er een kleinere, 48 meter lange tunnel.  In 1899 werd het houtwerk in deze oudste tunnel vervangen door stenen.  Voor het jaar 1867 waren Steg en dus ook Malbun enkel bereikbaar via een steile wandelweg : het Saumpfad uber den Kulm.  Het pad zelf werd na aanleg van de tunnel omgebouwd tot een smalle maar berijdbare weg.

Ik wilde vandaag het wandelpad dat langs de Steg Stausee loopt (en verder de rivier Valüna volgt) deels afwandelen, niet tot aan het einde want dat pad kan je blijven volgen tot helemaal aan de Pfalzerhütte (op 2.108m hoogte) pal op de grens met Oostenrijk.  Ik zou kijken tot waar ik rond 12u geraak en dan zal ik terugkeren.

Van aan de bushalte Steg Hotel is het een kleine wandeling tot aan het stuwmeer.  Iets verderop vind je het meertje “Gänglesse”, dat ondiep is en dus ideaal om op een warme dag met kleine kinderen in te spelen en pootje te baden (ik moet wel zeggen dat het waterpeil vandaag, door de droogte die ook hier heerst, erg laag stond).

Je kan op twee verschillende manieren langs de rivier wandelen.  Het ene pad (waarop ik ben begonnen) is echt een wandelpad, het andere is breder en is vooral bedoeld voor mountainbikes (maar je mag er ook wandelen hoor).  Af en toe rijdt er een auto voorbij. 

Dit pad – tot aan Valüna, is een makkelijk pad.  Moeilijkheidsgraad 1.  Het mist de mooie vergezichten maar de omgeving is zeker weten ook mooi.  Ideaal om met je gezin te doen.  Na ongeveer een uur tot anderhalf uur (naargelang hoe snel je stapt of hoe vaak je onderweg stopt om foto’s te nemen …) lichtjes bergop te stappen trekt het landschap open.  Nu ben je bijna aan Alp Valüna, een gebouw waar je iets kan bestellen om te eten en te drinken en waar je ook (gratis) naar het toilet kan gaan.  Het was 11u30 toen ik daar arriveerde.  Ik bestelde me een grote cola (halve liter) die me vijf Chf kostte.  Daarna bracht ik een bezoekje aan het toilet.

Volledig gehydrateerd vertrok ik terug maar niet voor lang want het was ondertussen bijna 12u.  Bij een hutje dat “Rüfihütta” heet (gelegen op 1.420 meter hoogte) maakte ik rechtsomkeert.  Op de terugweg gebruikte ik het mountainbikepad en om 12u50 bevond ik me alweer aan het stuwmeer (dat trouwens op 1.305 meter hoogte ligt).  Ik heb deze wandeling dus 115 meter gestegen en gedaald.

Na het nemen van een paar foto’s en een bezoek aan het toilet wandelde ik tot aan de bushalte “Steg Tunnel”.  Aankomst daar om 13u25, de bus was er om 13u36.  Negen minuten later kon ik uitstappen aan Hotel Turna.

Op de kamer zette ik m’n foto’s en filmpjes op de laptop om daarna terug nar buiten te gaan.  Ik bezocht de winkel schuin over het hotel, een winkel waar ze een hele beperkte voorraad aan levensmiddelen verkopen, wat souvenirs, wat kledij en ook sportspullen.  Okee, als ik wil gaan winkelen dan doe ik dat duidelijk beter in Vaduz dan hier.  Volgende stop : de speeltuin een eindje verderop.  Deze is me al en paar keer opgevallen bij het voorbijrijden met de bus, nu wilde ik ‘m van dichtbij bekijken.  Leuke speeltuin ! Vanwege de vele kinderen die er rondliepen heb ik er voor alle veiligheid maar geen foto’s genomen.  Er stond een wegwijzer naar een rodelbaan maar dat is blijkbaar enkel voor in de winterperiode.  Ik heb de Friedenskapelle (“Vredeskapel”) bekeken.  De Vredeskapel in Malbun werd tussen 1950 en 1951 gebouwd als teken van dank voor het sparen van het leven van Liechtenstein tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Om 15u10 was ik terug op mijn kamer.  Tijd om aan m’n verslag van vandaag te beginnen.  Het valt me trouwens op dat ik deze vakantie precies sneller moe ben, dan in Wales.  Vermoedelijk heeft het te maken met de hoogte waarop ik me bevind.  Zoveel te hoger je bent, zoveel te minder zuurstof er in de lucht zit – en dus ook zoveel te sneller je buiten adem bent.

Toevoegsel later op de avond : omstreeks 17u is het dan toch beginnen regenen, vergezeld van een beetje gedonder.  Ik denk dat al dat nat goed zal doen aan de natuur ... Het heeft ongeveer anderhalf uur goed doorgeregend.

Oh, en deze avond ben ik voor de eerste keer deze vakantie in het restaurant van het hotel gaan eten.  Ik heb een Malbuner rosti besteld (rosti met groenten, lokale kaas en ei).  Het was lekker !